|
U bent hier:
Start > Over
SwArta > Krijgskunst
Het is de
overtuiging van SwArta’s bezieler en tevens van gelijk welk
respectabel leermeester ooit, dat wapenkunde in de eerste plaats
bedoeld is om zichzelf te verdedigen, nooit als offensieve middel ten
allerlei doeleinden. In de tweede plaats wordt het beoefenen een doel
an sich en staat het zich perfectioneren centraal. Het is de
‘oefening die kunst baart’, zoals het bekende gezegde ons meegeeft.
De ethische houding van omgaan met wapens ter bescherming van de
eigen haard komt voort uit een volkomen respect voor het leven en mag
/ kan niet draaien om het beëindigen van andere levens. De Italiaanse
Meester Filippo Vadi kon het in de 15de eeuw niet
eenvoudiger en mooier omschrijven:
‘in
haar (het leven) te verdedigen, doet iedereen zijn best’.
Bij SwArta draait
alles om ‘krijgskunst’. Wij gebruiken niet graag het begrip
gevechtsport want daarmee verloochenen we het hogere doel van de
Kunde. Sport vanzelfsprekend biedt ook vele waarden aan de
beoefenaar. Het is omdat wapens in de strijd om het bestaan zo
gewichtig waren, dat ze later ook als sport werden doorvoert. Sport
schept levenskracht en levensmoed, orde en harmonie. Het is zodoende
een kostbaar element van de cultuur. Sport betekent ook
‘ontspanning, vermaak’; in de wapen- en krijgskunde echter zijn juist
inspanning en ernst een must.

Ringen am schwert - uit het werk van Talhoffer
Een
competitiegerichte sport of het sparringselement binnen krijgskunst
moet in de eerste instantie het toetsen van de eigen vaardigheden tot
doel hebben. Daarnaast moet men begrijpen dat realistische
competities met deze vechtstijlen in moderne tijden moeilijk
realiseerbaar zijn. Vele van de aangeleerde technieken worden té
gevaarlijke automatismen om ‘voor de sport’ toe te passen op
een ander individu. Aangepaste regels (zoals bvb. het bannen van
steken) zorgen er dan weer voor dat een verkeerd beeld wordt
doorgegeven van de kunde.
Neen, in
tegenstelling tot het overwinnen van een ander persoon staat het
overwinnen / overtreffen / verheffen van zichzelf in de kunde
centraal.
Om aan te tonen
hoe éénvormig de essentie van Westerse en Oosterse krijgskunsten is,
voegen wij hieronder een gedicht van Lee Chang Hoo, een Koreaans
krijgskunstenaar en filosoof. De diepgaande ideeën die in dit gedicht
hun spiegeling vinden behoren tot die ene primordiale traditie
waarover ook Plato, Proclus en vele andere oude Westerse filosofen
schreven:
Krijgskunst is
een weg, een levensweg
Al het gene dat
gescheiden was ontmoet elkander terug
Men merkt in de
Kunst, hoe alles één wordt.
Ik kan mijn echte
Zelf vinden en zo naar perfectie werken.
Als geest en
lichaam in harmonie zijn, wordt de mens Heel
Gedachte en daad
bevrijden zichzelf van elkaar
Bewegelijkheid en onbewegelijkheid leiden tot kalmte
Meegeven en
tegenwerken in harmonie gebracht creëren kracht
Kracht en
zwakheid in harmonie gebracht brengen tederheid
Tekenen en
wegvegen in harmonie gebracht, schilderen een afbeelding zonder vorm
Eeuwigheid en een
ogenblik in harmonie gebracht produceren een mogelijkheid
Ikzelf en een
ander, in harmonie gebracht worden ‘wij’
Lucht en grond in
harmonie gebracht wordt aarde
Leven en doodgaan
in harmonie gebracht ademen als een leven
Inademen en uitademen in
harmonie gebracht vormen een cyclus van hernieuwing
Handen en voeten in harmonie
gebracht vormen krijgskunde
Maar militarisme
en literatuur in harmonie gebracht
vormen kunst en
brengen filosofie
Als deze allen
worden gemixt, dan smelten ze samen tot één.
Dat éne is dan
perfect en gelijk aan het Niets
Als alles tot
slot de piek bereikt
Is er niet langer
een verschil tussen Zijn en niet Zijn
Ik sta alleen in
het midden van de Leegte
Dan verschijnen
ik en de anderen in een ademtocht
Mijn echte Zelf
kan het pad bewandelen zonder aarzelen.

De mens te midden de elementen - uit: Le livre des
propriétés des choses, Anjou, 15de eeuw
|